FAQ & documenten

Op deze pagina vindt u de veelgestelde vragen en documenten die betrekking hebben op de administratie.

Veelgestelde vragen

U gaat in overleg met de gemeentelijke toegang. Als de gemeentelijke toegang en aanbieder bij aanvang tot de conclusie komen dat de aard en omvang van de problematiek te onduidelijk is om een inschatting te doen, dan heeft de gemeentelijke toegang de mogelijkheid een toewijzing PxQ toe te kennen (probleemverheldering: jeugdhulp ambulant diagnostiek) volgens de daarvoor afgesproken tarieven per minuut. De code daarvan staat in de bijlage 2 van de raamovereenkomst.

Wanneer het alleen gaat om medicijncontrole vraagt de jeugdhulpaanbieder een toewijzing aan voor duurzaam-licht.

We beschouwen 2018 en 2019 als leerjaren waarin we samen met aanbieders, gemeenten en verwijzers de knelpunten en onduidelijkheden helder krijgen en oplossen. Hiervoor is een structuur bedacht van werkgroepen waarin dit gezamenlijk wordt uitgewerkt. Het is vooral een samenwerkingstraject. We gaan bijvoorbeeld voor het segment Top bekijken hoe we dit segment ook volgens het nieuwe inkoopmodel kunnen laten werken en hoe we daarbinnen het hoofd- en onderaannemerschap kunnen vormgeven.

Alle huisartsen zijn geïnformeerd. Per gemeente kan de aanpak verschillen maar we hebben een gezamenlijk boodschap geformuleerd, zodat huisartsen in de elf betrokken gemeenten dezelfde informatie hebben. Een kleine gemeente als Staphorst kiest voor een andere communicatievorm (bijvoorbeeld persoonlijke gesprekken) dan een grote gemeente als Deventer of Zwolle (meer gezamenlijke bijeenkomsten).

Nee, de huisarts bepaalt dit. Maar de intentie is om binnen 3 maanden na de verwijzing met de jeugdhulp te starten.

Als de huisarts geen profiel kiest, kiest de aanbieder een profiel.

Nee, de wettelijke verwijzer bepaalt altijd een profiel. Indien je als aanbieder een toewijzing krijgt met de productcodes van segment Midden, kun je uit de productcodes halen om welk profiel het gaat. Bij PxQ zijn de profielen niet te herleiden uit de productcodes. Dit wordt ondervangen doordat er bij PxQ altijd contact is tussen de aanbieder en de Toegang in verband met het gezinsplan, waarbij resultaat en profiel bepaald worden.

Welke aanbieders zich op welke profielen hebben ingeschreven vindt u in dit overzicht.

De discussie wordt altijd gevoerd aan de hand van de volgende algemene uitgangspunten:

  • Wees nieuwsgierig naar de beweegreden van de ander; ga niet in de verdediging maar probeer de zienswijze van de ander te begrijpen.
  • De toegang levert goede onderbouwing van profiel, segment en intensiteit in het gezinsplan.
  • Uitgangspunt is dat screening en/of intake gedaan is door de toegang.
  • Het stappenplan is de leidraad
  • De trajectenprijzen zijn gemiddelden.
  • Het resultaat is concreet en meetbaar geformuleerd door de toegang.
  • De stoornis/ beperking is niet leidend voor de keuze van het profiel. De profielen zijn géén cliëntprofielen maar ondersteuningsprofielen.
  • Het gesprek over de inhoud wordt gevoerd door de professionals. De financiële discussies worden gevoerd door de managers.

Toelichting

Als er discussie ontstaat tussen de professional van de toegang en de aanbieder over de inzet van zorg, dan worden bovengenoemde uitgangspunten in overweging genomen. Wanneer dit niet leidt tot overeenstemming over de inzet van zorg, dan wordt dit opgeschaald naar de managers. Zij gaan dan in overleg over de casus. De manager van de toegang beslist of het indien nodig PxQ financiering wordt, eventueel door het opvragen van een offerte of door afspraken te maken over de looptijd van de zorg en evaluatie momenten. De cliënt mag niet leiden onder de discussie en de zorg wordt ondertussen ingezet (via PxQ financiering) en tussentijdse evaluatie wordt afgesproken.

Dit kunt u vinden in het stappenplan op deze website. Ook is er een lijst met voorbeelden gemaakt waarbij er per profiel een toelichting is. De huisartsen/jeugdartsen hebben een overzicht ontvangen met alle profielen.

De gemeenten in de regio IJsselland hebben een verschillend format voor hun gezinsplan (afhankelijk van de lokale werkwijze).

Stap 3 in het stappenplan beschrijft wat er in ieder geval in het gezinsplan moet staan. De Toegang / Gecertificeerde Instellingen omschrijven de resultaten die bereikt moeten worden zo concreet mogelijk en overleggen zo nodig met de jeugdhulpaanbieder.  Een gezinsplan moet in ieder geval onderstaande punten bevatten. Dit op basis van een uitspraak van Centrale Raad van Beroep over inhoud van het gezinsplan:

  • Vraag van ouder/jeugdige.
  • Aard van de problemen en eventueel onderzoek/diagnostiek waarvan gebruik is gemaakt om dit vast te stellen.
  • De te behalen resultaten.
  • Bijdrage aan oplossingen door gezinsleden zelf en mensen in hun netwerk.
  • Bijdrage van de Toegang.
  • Bijdrage van de specialistische aanbieder.
  • Wijze waarop de gezinsleden, de medewerker en de aanbieder contact houden over de voortgang van de hulp en het bereiken van de doelen.
  • Hoe tot besluiten is gekomen: met wie op basis van welke argumenten en afweging.
  • Indien er sprake is van zorgen met betrekking tot veiligheid van de jeugdige: een veiligheidsplan.

Gezinsplan: wordt gemaakt door de toegang of de Gecertificeerde instelling*
Familiegroepsplan (zie Jeugdwet): wordt gemaakt door de cliënt zelf
Behandelplan: wordt gemaakt door de zorgaanbieder

Is er sprake van een verwijzing door een derde verwijzer en het is een traject in Segment top? Vóór het verzenden van een verzoek om toewijzing nodigt de jeugdhulpaanbieder de gemeente uit, om samen met het gezin een gezinsplan op te stellen of de jeugdhulpaanbieder stelt samen met de cliënt een familiegroepsplan op en deelt dit na toestemming van de cliënt met de gemeente.

Waar een familiegroepsplan aan moet voldoen kunt u vinden op: https://vng.nl/onderwerpenindex/jeugd/jeugdhulp/familiegroepsplan

* De Gecertificeerde Instellingen geven een bepaling af met een plan van aanpak. Dit plan geldt als gezinsplan.

Dit betreft dan een nieuwe vraag waarbij het resultaat moet worden bepaald. Ouders gaan daarover in overleg met de Toegang. De zorgaanbieder kan de ouders hierin eventueel begeleiden. Een zorgaanbieder kan dus niet 'even’ een beschikking aanvragen voor broertje of zusje.

De werkwijze die staat beschreven in het administatieprotocol (paragraaf 6.2.1) en is van toepassing bij het wijzigen van bestaande hulp waarvoor er een toewijzing ligt. Deze werkwijze geldt dus niet bij nieuwe toewijzingen voor een ander kind.

Als het gaat om segment Midden dan bepaalt de cliënt met de aanbieder of het resultaat is behaald.
Als het gaat om segment Top dan bepalen cliënt, aanbieder en Toegang gezamenlijk of het resultaat is behaald. 

Zie ook stroomschema resultaat behaald.

In dit stroomschema is aangegeven welke stappen de aanbieder zet als er een verwijzing binnen komt via een derde verwijzer.

De afspraak is dat het uurtarief wordt gedeeld door 60 waarbij afgekapt wordt op 2 decimalen achter de komma. Hiermee wordt uitval bij facturatie voorkomen.

Voorbeeld:

Ambulante begeleiding midden individueel tarief per uur € 54,42. Tarief per minuut is € 54,42 / 60 = € 0,907. Afkappen op twee decimalen achter de komma betekent een tarief van € 0,90 per minuut.

Aan het eind van het jaar kan het negatieve verschil, dat mogelijk ontstaat, worden gedeclareerd.

Landelijk is de voorkeur op dit moment het F-bericht. Op enig moment zal dit ook landelijk worden doorgevoerd. Op dit moment worden landelijk nog beide berichten geaccepteerd. De regio bepaalt welk bericht er gehanteerd wordt. De regio IJsselland heeft in het administratieprotocol de voorkeur uitgesproken voor het F-bericht en aangegeven vanaf 2019 over te gaan op F-berichten. Vanaf 2019 kunt u alleen nog het JW303F bericht gebruiken.

Op basis van de toewijzingen die worden afgegeven door de Toegangen van de gemeenten controleren en verwerken wij de facturaties. Wanneer een BSN niet bekend is bij de BVO wordt de factuur niet betaald. U kunt daarna het beste contact opnemen met de Toegang van de gemeente waaronder de cliënt valt. Zij kunnen nagaan of de cliënt daar bekend is. Is de cliënt ook daar niet bekend dan zal met de betreffende zorgaanbieder de situatie afgestemd worden. Wanneer de gemeente akkoord is, zal de BVO de factuur opnieuw behandelen. Zie voor uitzonderingen BSN nummers het administratieprotocol par. 5.5.3

Declaraties dienen te worden ingediend via Vecozo. Voorwaarde is dat voor de desbetreffende cliënt(en) een digitale toewijzing van de gemeente aanwezig is, die aansluit bij de declaratie. Wij verzoeken u om samen met de Toegang van de betreffende gemeenten er voor te zorgen dat u de benodigde toewijzingen in uw bezit heeft. Wij benadrukken dat wanneer er geen geldige toewijzing van de gemeente aanwezig is, de declaratie niet kan worden goedgekeurd en betaald. Het berichtenverkeer met betrekking tot declaraties staat beschreven in het administratieprotocol.

Dat klopt. Middensegment is resultaatgericht en topsegment is inspanningsgericht.

De opdrachtnemer is verplicht 5% (bij minimaal 200.000 EUR over de gehele contractperiode) van de gefactureerde omzet naar aanleiding van de opdracht aan te wenden aan SROI inspanningen. Het plan van aanpak is gereed en goedgekeurd door het ESR binnen 6 weken na gunning opdracht. Het ESR kan deze termijn verlengen tot maximaal 12 weken.

Aangezien het contract tot maximaal 7 jaar verlengd kan worden is bij een gemiddelde omzet van € 30.000 per jaar al sprake is van een SROI-verplichting.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:

Henk de Leeuw - Tel: 06- 52 80 35 75

Of stuur een e-mail aan: sroi@daarwerkenweaan.nl

De zorg wordt betaald tot 18 jaar en anders moet er verlengde jeugdhulp toegekend worden. Dit is de technische kant. In de raamovereenkomst is dit opgenomen.

Ja, 2018 en 2019 worden gezien als leerjaren op het gebied van resultaatgerichte financiering. Daarom wordt voor 2018 en 2019 alleen afgerekend op uitval:

  • Als het traject NIET wordt afgesloten met een positief resultaat kan de resterende 30 procent NIET in rekening worden gebracht. In de STOP-berichten geeft de aanbieder aan wat de reden van stopzetten van het traject is.
  • Als er een andere reden is dan code 31: Levering is volgens plan beëindigd, dan geldt dat derhalve als uitval. Zie ook het administratieprotocol, hoofdstuk 6.3.2.

In de toekomst rekent de gemeente af op zowel uitval als doelrealisatie en cliënttevredenheid.

De tarieven kunt u vinden op deze website in het document: Tarieven en overige specifieke voorwaarden. Indien u een raamovereenkomst heeft, kunt u de tarieven vinden in bijlage 2 van deze overeenkomst.

Direct cliëntgebonden tijd: Face-to-face contact of contact via telefoon, mail of internet met de cliënt individueel of met de cliënt en/of het netwerk.

Indirect cliëntgebonden tijd: Cliëntgebonden overleg, cliëntgebonden registratie, waaronder het Elektronisch cliëntdossier en de Routine Outcome Monitoring, reistijd naar de cliënt.

De opbouw van de kostprijs is verschillend voor J&O, GGZ en LVB-producten.  Daardoor zijn er hiervoor ook verschillende tarieven:

  • Bij de J&O-  en GGZ productcodes kan zowel de direct cliëntgebonden tijd als de indirect cliëntgebonden tijd gedeclareerd worden.
  • Bij de LVB productcodes kan enkel de direct cliëntgebonden tijd gedeclareerd worden. De indirect cliëntgebonden tijd is bij deze productcodes verdisconteerd in het tarief. De indirecte tijd is bij geen enkel productcode declarabel.

Ja, dit berichtenverkeer staat beschreven in het administratieprotocol. Dit protocol vindt u bij de documenten onderaan deze pagina.

Ja, bij een verzoek om toewijzing (JW315) bij het segment Midden bij trajecten gericht op herstel moet u zowel de productcode voor de 70% als de productcode voor de 30% aanvragen. Dus twee productcodes bij segment Midden bij Licht, Midden en Zwaar.

De productcodes voor overgangscliënten en segment Top staan in uw raamovereenkomst in bijlage 2. Ook kunt u onderaan deze pagina het document Tarieven en overige specifieke voorwaarden.

U kunt deze productcodes vinden in de documenten Productcodes of op pagina 10 van het Stappenplan, alle documenten vindt u onderaan deze pagina.

Het stroomschema voor segment Midden staat bij de documenten onderaan deze pagina (beslisboom behandelen).

Voorbeeld

 U heeft een JW315 aangevraagd voor profiel 5 – herstel Midden.

  • U vult beide codes in de JW315, 50053 (70%) en 50054 (30%).
  • U ontvangt voor beide producten een afzonderlijk de JW301 (toewijzing).
  • Na start van de zorg stuurt u de JW305/code 50053 (start zorg) en kunt u middels een JW303-bericht de declaratie versturen van de 70% (code 50053).
  • Indien het resultaat is behaald dan stuurt u een stopbericht (JW307/code 50053 met code 31=resultaat behaald) en stuurt u een JW305/code 50054 en JW307/code 50054 en voor de declaratie van de 30% stuurt u JW303 met code 50054.
  • Bij alle overige codes (uitval/verhuizing/overlijden, zie par 6.3.2 administratieprotocol) gaat u in overleg met de Toegang.

JW315: Binnen 5 werkdagen na beoordeling Profiel-segment-intensiteit

Tussen de JW315 (verzoek om toewijzing) en JW301 (toewijzing): 5 werkdagen voor segment Midden, 15 dagen voor segment Top (zodat Gezinsplan gemaakt kan worden)

Tussen JW301 (toewijzing) en JW305 (start zorg) bij Segment Midden: maximaal 3 weken, Segment Top: maximaal 6 weken.

JW305 (start zorg) wordt verzonden binnen 5 werkdagen na start zorg.

Documenten